Webinar Samenwerken terugkijken

Bekijk het webinar

Vragen en antwoorden:

1. Hoe bouw je dan flexibiliteit in in een samenwerking met een contract?

Tijdens het webinar werd deze vraag gesteld, maar daar kwam ik helaas niet aan toe. Ik vind de vraag moeilijk, want ik mis een beetje context. Vandaar dat het risico is dat het te algemeen wordt.

Samenwerkingsverbanden kunnen verschillende juridische vormen krijgen. Daarover hebben we in het boek leren samenwerken tussen organisaties in het hoofdstuk over de conditie “Organisatie” . De inleiding is als volgt:

 “Bij het organiseren van samenwerkingsrelaties wordt in de praktijk dikwijls direct de stap gemaakt naar het contract: ‘Laten we zo snel mogelijk een contract opstellen, dan kunnen we aan de slag!’ ‘Contract’ is hier overdrachtelijk bedoeld; het kan ook de juridische vorm (joint venture, coöperatie enz.) betreffen. Het contract is echter geen startpunt, hooguit een belangrijk mentaal tussenmoment dat het wederzijdse commitment markeert. De inrichting van de samenwerking begint al veel eerder en vraagt om een veel breder perspectief. De kernvragen daarbij zijn: Welke doelen stellen we voor de samenwerking? Hoe gaan we de samenwerking besturen? Welke gedragsafspraken maken we? Hoe werken we de samenwerking uit in operationele zin?

We maken daarbij een onderscheid tussen grondvormen en inrichting en juridische vormgeving. De kernvragen die om beantwoording vragen zijn:

-    Hoe zorg ik ervoor dat ik met de juiste partner in zee ga?

-    Welke grondvorm past het best bij onze gezamenlijke ambities?

-    Hoe geven we de samenwerkingsrelatie inhoud in termen van rechtsvorm, inrichting en bedrijfsvoering?

-    Hoe organiseren we de besturing van de samenwerkingsrelatie?

-    Hoe zwaar zetten we de samenwerking in?

Er zijn verschillende mogelijkheden om een samenwerkingsverband nader vorm te geven. Gedacht kan worden aan de volgende opties:

-    contractuele samenwerking;

-    stichting;

-    vereniging;

-    nv/bv (joint venture);

-    coöperatie;

Vraag is dus: welke flexibiliteit zoek je? Wil je resultaat vastleggen, of functie? ‘Schilder de brug tegen deze condities en met deze specs!’ Of ‘Zorg dat de brug gedurende x jaar goed onderhouden blijft, waarbij hij altijd in bedrijf blijft, met als condities …”. De tweede formulering biedt meer flexibiliteit en grotere kans op creatieve oplossingen.

Voor de juridische vorm is het belangrijk je criteria te benoemen. Denk aan:

-    externe duidelijkheid: deelnemers en omgeving weten waar het samenwerkingsverband voor staat;

-    flexibiliteit: op welke toekomstige ontwikkeling wil je al dan niet anticiperen;

-    mededingingsproof;

-    fiscaliteit;

-    de mate waarin het samenwerkingsverband een geïnstitutionaliseerd karakter dient te hebben;

-    de mate waarin het samenwerkingsverband zelfstandig moet kunnen deelnemen aan het maatschappelijke verkeer en aldus zelfstandig verantwoordelijk is voor het realiseren van haar doelstelling;

-    de mate waarin het samenwerkingsverband de mogelijkheid dient te hebben om zelfstandig te ondernemen;

-    het gegeven dat alle deelnemers, ongeacht hun rechtsvorm, zich aan de vorm kunnen verbinden;

-    de mate waarin er nieuwe toetreders toegelaten moeten kunnen worden; hoe gemakkelijk moet het zijn om de kring van deelgenoten uit te breiden;

-    uitstraling die de samenwerkingsvorm in het handelsverkeer heeft;

-    mogelijkheid om de gewenste afspraken juridisch vast te leggen.

2. Waar is meer informatie te verkrijgen/ vinden over wanneer welke persoon en rol binnen een samenwerkingsproces te betrekken? Ofwel: zet ik nu een regisseur of een alliantiemakelaar in. Welke instrumentenkoffer neemt die mee?

In dit artikel is naar mijn mening goed in kaart gebracht hoede alliantiemanager moet schaken op meer borden, intern, extern, met bestuurders en met professionals. Daarnaast een artikel dat we hebben geschreven hebben op basis van interviews met ervaren verbinders, zoals Herman Wijffels, Alexander Rinnooij Kan, Hans Alders, Ruud Lubbers.

Als ‘instrumentenkoffer’ denk ik aan  “Eerste hulp bij samenwerken” van Robin Bremekamp

https://www.managementboek.nl/boek/9789035232181/eerste-hulp-bij-samenwerken-robin-bremekamp

En je kunt denken aan ons boek “Leren samenwerken tussen organisatie. In het hoofdstuk “Proces” gaan we ook in op de rol van bestuurders in allianties en netwerken  

https://www.managementboek.nl/boek/9789013094879/leren-samenwerken-tussen-organisaties-edwin-kaats

Boekje Lenzen op samenwerking