Test header

Samenwerken is een kwestie van vertrouwen

08 juni 2012

In Overijssel wordt op grote schaal samengewerkt tussen wegbeheerders: Rijkswaterstaat, gemeenten en provincie. Met name op het gebied van gladheidbestrijding gaat dat steeds verder. Zover, dat we zijn begonnen met het onderzoeken waar we verantwoordelijkheden voor elkaar kunnen waarnemen. En dan blijkt al gauw dat er geen formele belemmeringen zijn. Het is een kwestie van willen en vooral van: vertrouwen. Vertrouwen heeft er toe geleid dat Rijkswaterstaat desgevraagd een audit op het gebied van incidentmanagement bij de provincie heeft uitgevoerd.
Binnen wegbeherend Nederland wordt steeds vaker samengewerkt. Samenwerkingsverbanden zijn vaak in het werkveld ontstaan, soms zijn ze (bestuurlijk) opgelegd. In de praktijk komen we er steeds vaker achter dat samenwerken begint bij: elkaar kennen. Vandaar dat initiatieven zoals die bijvoorbeeld door WOW worden geïnitieerd (netwerkbijeenkomsten), vruchten afwerpen.
Nadat we aan elkaar hebben gesnuffeld, samenwerking tot stand komt en intensiever wordt, komen we tot de ontdekking dat het soms best spannend is. Immers: we geven onszelf bloot (zus en zo doen wij de dingen) en we besteden werk aan elkaar uit. En waar we er de afgelopen jaren aan gewend zijn geraakt werk aan de markt over te laten, vinden we het nog moeilijk om werk aan collega-wegbeheerders over te laten. Vooral omdat het in het laatste geval vaak gaat om verantwoordelijkheden en werkzaamheden die we (bewust) niet aan de markt overlaten.

Als je daarover nadenkt, kom je tot de conclusie dat het vooral gaat om VERTROUWEN. Vertrouw ik de ander toe dat hij mijn processen en werkwijzen doorgrondt en daar een rol in gaat spelen? Vertrouw ik het een concullega-kok toe om in mijn restaurant te komen koken voor mijn klanten, en zelfs daarvoor de inkoop te doen?
Om in die laatste beeldspraak te blijven: wat gebeurt er als jouw restaurant en dat van je concullega beiden amper het hoofd boven water kunnen houden? Als jullie bankdirecteur tegen jullie zegt dat je maar moet samengaan, omdat twee restaurants in het dorp er één te veel is? Verandert dat de zaak?

In Overijssel willen we het gedwongen samengaan voor zijn. Laat ik het anders zeggen: als provincie Overijssel vragen we ons niet af óf we als wegbeheerder noodzakelijk zullen moeten gaan samenwerken, maar wanneer zich die noodzaak zal aandienen. En eigenlijk dient die zich nu al aan. De vervangingsopgave waarvoor we ons zien gesteld gaat enorme proporties aannemen. Ons personeelsbestand vergrijst en zal ons vrij massaal in een relatief korte periode gaan verlaten. Terwijl het aanbod vanaf de instroomkant beperkt zal zijn. Daarbij is de verwachting dat budgetten zullen krimpen. Kortom: wij vinden het de hoogste tijd om de handen ineen te slaan. En daar zijn we een paar jaar geleden al mee begonnen.

Terug naar vertrouwen: in Overijssel maken we dat bespreekbaar. Zoals een onderzoek naar verdergaande vervlechting van de organisatie van de gladheidbestrijding tussen Rijkswaterstaat en provincie. Of een pilot waarin de provincie de bewaking van de gladheid doet voor vijf gemeenten. Steeds blijkt dat er geen formele belemmeringen zijn om het te doen. De vraag is of je het wilt. Of je elkaar vertrouwt.

We hebben het ook op een andere manier in praktijk gebracht. We hebben Rijkswaterstaat (wegendistrict Twente-Achterhoek) gevraagd ons de maat te nemen op onze ambities op het gebied van operationeel verkeersmanagement, met name incidentmanagement. Wij zijn een paar jaar bezig met een traject waarin Rijkswaterstaat al jarenlange ervaring heeft. Doen we als provincie de dingen goed en doen we de goede dingen?
Rijkswaterstaat heeft onze vraag enthousiast en voortvarend opgepakt. Twee ervaren collega's van het wegendistrict Twente-Achterhoek hebben een audit uitgevoerd binnen de provinciale organisatie. Medewerkers zijn bevraagd, processen doorgelicht. Het mooie is dat het mes aan twee kanten heeft gesneden: naast het feit dat beide partijen hebben geleerd van de audit, is het wederzijds begrip weer verder gegroeid. En daarmee het wederzijds vertrouwen.

Jan Muizelaar, provincie Overijssel